STUDIE (n. f.)

ERLERNUNG (deu.) · ÉTUDE (fra.) · STUDIE (deu.) · STUDIO (ita.) · STUDIUM (deu.) · STUDIUM (lat.) · STUDY (eng.)
TERM USED AS TRANSLATIONS IN QUOTATION
ÉTUDE (fra.)
TERM USED IN EARLY TRANSLATIONS
/ · BEFLEISSIGUNG (deu.) · GEWISSHEIT (deu.) · STUDIE (deu.) · STUDIO (ita.) · ÜBUNG (deu.)

FILTERS

LINKED QUOTATIONS

5 sources
8 quotations

Quotation

Indien het dan ghebeurt dat hy sich in een gheselschap vindt in ’t welcke eenighe luyden merckelick ontstelt sijn, men soude terstond uyt sijnen aendachtighen ernst afnemen dat hy sulcken gheleghenheyd ghesocht heeft, om uyt d’ooghen der ontstelder mensen de veelvoudighe gedaente van gramschap, liefde, vreese, hope, smaed, vroolickheyd, vertrouwen, en dierghelijcke beweghinghen meer te lesen. Alhoewel nu de Konst-lievende groote Meesters haer meeste werck en studie hier van maeckten, nochtans plaghten sy somwijlen oock een weynigh tijds uyt te splijten om de Zede-konst, de naturelicke Philosophie, verscheyden Historien, Poetische versierselen, als oock de Mathematische wetenschappen te versoecken: Want al ist schoon saecke dat de zede-vormers, de naturelicke Philosophen, de Historie-schrijvers, de Poeten, de mathematijcken mede niet maghtigh sijn een eenigh Schilder te maecken; Nochtans brenght de kennisse deser Konsten soo veele te weghe, dat de Konstenaers die sich op dese wetenschappen redelick wel verstaen voor beter ende volmaeckter Schilders worden ghehouden.

[Suggested translation, Marije Osnabrugge:] Whenever it happens that he finds himself in a group in which some people are clearly startled, one would immediately believe from his attentive seriousness that he has sought out such a situation, to read from the eyes of the startled peopled the manifold appearance of wrath, love, fear, hope, blame, happiness, trust and such movements. Although the Art-loving great Masters made the most work and study of this, nonetheless they sometimes also tend to free some time to attempt the Art of Virtue, the natural Philosophy, several Histories, Poetical embellishements, as well as the Mathematical sciences: Since although it is clear that the ethics, natural Philosophers, History-writers, Poetes and mathematicians are unable to make any Painter [sic]; nonetheless the knowledge of these Arts brings forth so much, that the Artists who manage quite well in these sciences are thought to be better and more perfect Painters.

This excerpt does not occur in the Latin edition of 1637. [MO]

term translated by / in JUNIUS, Franciscus, The Painting of the Ancients, in Three Bookes : declaring by Historicall Observations and Examples, the Beginning, Progresse, and Consummation of that most Noble Art. And how those Ancient Artificers attained to their still so much admired Excellencie. Written first in latine by Franciscus Junius, F. F. And now by him englished, with some Additions and Alterations, trad. par JUNIUS, Franciscus, London, Richard Hodgkinsonne, 1638., p.235

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → apprentissage

Quotation

Siet dan, wat het al vermach wel op de eyghentlijckheyt van de natuerlijcke dinghen te letten, men sal bevinden dat het niet alleen desen mis-slach ter zijden en sal doen setten, maer datter oock veel soet-aerdighe dinghen selfs hier door aen den dagh sullen komen, gelijck die ghene dat waer soude konnen nemen, die haer Studie maecken van Corteguarden te schilderen, als sy in de selve ordineeren hier een Bootsje dat Toeback smoockt; ginder een Beeldeken dat besich is met sijn Rustinghe aen te gorden; ende elders, daerse sitten Dobbelen en Troeven; onder alle oock een Krijghs-knecht stelde, die hem bekommerde met sijn Lont te ontsteecken, aen de welcke hy nu eenigh vyer siende, neerstigheyt dede om verder te doen voncken, draeyende de selve snel om, om door de krachtighe door-snyinghen des luchts, de Lont te beter te doen aen gaen.

[proposition de traduction, Léonard Pouy:] Voyez ainsi ce qu’il peut apporter de prêter attention à la vérité des choses naturelles. Non seulement des erreurs seront écartées mais de nombreuses choses douces et aimables viendront au jour, telles les figures inclues çà et là par ceux qui font leur étude en peignant des Corps de garde : ici un grossier personnage fumant du tabac, là une petite figure occupée à revêtir son armure; ailleurs enfin, d’autres assises jouant aux dés ou aux atouts; parmi elles également, un simple soldat se souciant d’allumer sa Mèche et, la voyant s’embraser par friction avec l’air, tente d’y faire prendre la flamme en la faisant rapidement tournoyer dans les airs.

Conceptual field(s)

CONCEPTION DE LA PEINTURE → composition
CONCEPTS ESTHETIQUES → nature, imitation et vrai

Quotation

Soo kan men oock uyt het gene alreede geseyt is, sich versekeren, hoedanigh de leersame onderwijsingen, de natueren moeten te bate komen, om daer door, met alles wat tot een volkomen Konstenaer vereyst wert, de Natuerlijcke toe-genegentheydt te voltoyen; […] Insghelijcks moeten oock de Jonghelinghen ( van welckmen sich yets goets beloven mag) van een seer neerstigen ende arbeytsamen Geest zijn, opmerckende ende sinspeligh van gedachten, vol van fraye inbeeldingen ende fantasien.
Sy moeten arbeytsaem ende neerstigh wesen, om dieswille dat soodanige Konst noch om Gout noch Silver kan verkregen werden, maer alleen door een wercksame oeffeninge; voor welcke d’Oude plegen te seggen dat de Goden alle dingh verkoopen. Opmercksaemheyt van gedachten moetense hebben, om door ghewoonte van die daghelijcks te oeffenen, sterck van inbeeldinge te werden; ten eynde sy die allengskens tot het uytvoeren van haere hooghverhevene fantasien souden leeren in ’t werck stellen. {Watmen doen moet om sijn ghesteltheyt te verbeteren.} Hierom wil
L. Davincy, dat een Jongh Schilder gheen dingen en mach versuymen, soo in het beschouwen der natuerlijcke voorwerpselen, ende bysondere voorvallen, als in het ondersoecken en overleggen van fraye Historyen, Poëtische verdichtselen, ende outheden, als anders; daer uyt hy niet yets en soude vinden, dat tot sijne study dienstig mogte zijn, om daer aen te gedencken: Gemerckt de inbeeldingen ende fantasien in ons gestelt zijn, als een Register, ofte aenwijser van ’t geen wy oyt met onse oogen gesien, ende met ons verstant begrepen hebben.

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] As such one can also ascertain oneself from that which has already been said, to which degree the instructive teachings have to profit nature, in order to complete the natural inclination with everything that is demanded from a perfect Artist; […] likewise the young men (of whom one may expect something good) have to be of a very diligent and laborious Mind, observing and clever of thoughts, full of pleasing imaginations and fantasies. They have to be laborious and diligent, while such an Art cannot be acquired with Gold or Silver, but only through a continuous practice; for which the Old tend to say that the Gods sell everything. The need to have percipience of thoughts, to become strong of imagination through the habit of practicing it daily; so that they will gradually learn to put it to use for the execution of their excellent fantasies. {What one should do to improve one’s condition.} Because of this Leonardo da Vinci demands that a Young Painter does not neglect anything, both in the observation of natural objects and specific events, as in the investigation and consideration of nice Histories, Poetic poetry and antiquity, and other things; from which he may find something, that could be useful for his study, to think of: As the imaginations and fantasies are placed within us, like a register, or indicator of that which we have one day seen with our eyes and understood with our mind.

oeffeninge

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → apprentissage

Quotation

Hier by souden wy noch bequaemelijck konnen toe voegen, dat het studeeren na het Natuerlijck leven, ende het beschouwen van fraeye Print-Konst, soo van Oude als hedendaeghse vermaerde Meesters: {Nut van het leven en Print-Kunst.} maer alsoo wy de nuttigheyt van die study, neffens alle andere Oeffeningen inde volgende Capittelen sullen verhandelen, soo willen wy hier alleen tot aenleydinge der Study, den Leerlinghen aenwijsen, wat goede Autheuren voorhanden ende dienstigh zijn, om met voordeel tot verscheyde Kunstschappen gelesen ende ondersocht te werden.

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] We could adequately add to this, that the study after the Natural life, and the observation of the lovely Art of Prints, from both the Old and contemporary Masters: {The use of Life and the Art of Print.} but since we will discuss the use of that study, together with all other Practices, in the next Chapters, for the encouragement of their study we only want to explain to the Students, which good Authors are available and useful, to be read and studied for the profit in several Arts.

Following this citation, Goeree lists a long list of useful literature, until page 59 (the end of the chapter). [MO]

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → apprentissage

Quotation

Maer gelijck het wel geraetsaem, ja oock seer noodigh is, datmen inden beginne van sijne Studien andere Brave Meesters navolgt, en tracht in dat gene, in welcke sy gedwaelt hebben, haer te overtreffen, soo moet geweten worden datmen daer ontrent niet alleen yver ende neerstigheyt moet aenwenden, maer oock voor al sich seer wijslijck dragen: {Watter in ’t volgen van andere Meesters moet waergenomen worden.} Want het geleerdelijck navolgen van een groot Meester vereyst vry wat anders, als het simpel Na-Copieeren, dat voor de Jongelingen wel een bequaem middel is, om voor eerst de Pinceel te leeren handelen, de Verwen ende Colorijten te leeren vinden, ende soo voorts: Maer in het Meesterlijck studeeren, ende navolgen daer moet alleen het oordeel sich ontrent de Deughden vande alderbeste dingen oeffenen: ende dat met een sorghvuldige Naerstigheyt, om alles uyt te vorssen, ’t geen daer vanden rechten aert der Konsten in is. Want inde beste Tafereelen, sitten de Deughden somtijts soo diepe verborgen, ende soo konstelijck door het geheele Werck ingewickelt, ende door-vlochten, dat den alderscherpsinnighsten Meester de selve niet als na een lange opmerckingh en bestaet te vatten. Soo dat van een onkundige dickwils de fauten die daer noch in gebleven zijn, best van alles worden opgevolght en ingezogen; {Onkundige volgen de fauten in ’t Copieeren best na.} daerom datmen met een verstandigh en rechtsinnigh oordeel soodanige dingen bestuderen sal, ende en etent niet al voor Suycker op wat van dese of gene groote Meesters voortkomt, invoegen men de gebreecken soo wel als de volmaecktheden tot een wet van navolgingh komt te stellen, even offe uyt respect van hare Meesterschap niet en hadden konnen dwalen: Maer dan kan het navolgen eerst prijswaerdigh en voordeeligh zijn, soo wanneer sy de volle kracht der Konst inde voornaemste dingen heeft getroffen.

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] Yet as it is advisable, yes also very necessary, that one imitates other Good Masters in the beginning of his Studies, and attempts to surpass them where they have strayed, as such it should be known that one should not only apply ardor and diligence, but also behave themselves very wisely: {What should be observed in following other Masters.} Because it demands something different to intelligently imitate a great Master, than simply Copying After, which is an adequate means for young ones, to learn to treat the brush for the first time, to learn to find the colors and colorations et cetera: But in studying masterfully, and imitating, there only the judgement regarding the Virtues of the very best things should be practiced: and with a careful diligence, to find out everything, which is in it about the true nature of the Arts. Because the Virtues are often soo deeply hidden in the best Paintings, and are so artfully folded and braided into the whole work, that the most perceptive Master cannot assume to understand it but after a long observation. Such that the mistakes that remain in it are often followed the best and taken in by an incapable [artist]; {Incapable artists imitate the mistakes the best in Copying.} which is why with a wise and frank judgement one should study such things and not take at face value [ndr: literally: eat like sugar] everything that comes from this or another great Master, as such one may take the flaws as well as the perfections for a law to imitate, as if out of respect for their Mastery they could not stray: But the imitation will first become praiseworthy and useful, when she has captured the full power of Art in the principal things.

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → apprentissage

Quotation

De gansche Pogingh van een Schilder die na een geluckigh eynde traght, kan bequamelijck in dry onderscheyde tijden van Doeningh afgedeelt worden. d’Eerste is de studie diemen moet aenwenden om te leeren; De tweede, geleert zijnde, te yveren na eenen grooten naem: De derde, te arbeyden om een eerlijcken Rijckdom te verkrijgen. { ’t Gansche leven van een verstandigh Schilder in 3 tijden onderscheyden.}

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] The whole attempt of a Painter who strives for a successful result, can adequately be divided in three separate moments of action. Firstly the study that one should apply to learn; Secondly, being learned, striving for a great name: Thirdly, working to obtain an honest Wealth. {The whole life of a wise Painters divided into three periods.}

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → apprentissage

Quotation

{Lantschap Teykenen ten hoogsten nut en vermakelijck.} Maer eer wy van het leven afscheyden, soo en konnen wy niet wel nalaten, oock kortelijck aen te wijsen, de nuttigheyt van het Teyckenen van Landschappen, Verschieten, Bergen, Duynen, Bosschadien, Struycken, Kruyden, Ruynen, en allerhande Dieren des Velts, als Paerden, Ossen, Koyen, Schapen, Bocken, en watmen dies meer te Landewaert ontmoet; als zijnde voor de Teyckenaers (boven de verlichtinge die het inde verposingh vande ghewoonlijcke Beeldt-Oeffeningh geeft) een vermaeckelijcke Study, en nuttighe uytspanning; daer-en-boven een middel om sich Universeel inde Konst te maken: {Datmen alle Study vande Schilder-Konst moet beminnen.} Want hy en kan voor geen groot Meester ofte kloecke Geest in achtingh wesen, (seght L. Davincy) die slegts in een dinck volmaeckt is; daer zijn weynige sulcke plompe herssens of sy sullen mettet tijdt tot het wel-doen van een saeck konnen geraecken: Invoegen dat een Jongelingh die niet ghelijckelijck alle deelen vande Konst en bemindt, hy sy soo kloeck als hy wil, hy sal nimmer tot een groot universeel Meester werden. Men siet in ’t gemeen van Teyckenaers ofte Schilders die geene genegentheyt en hebben tot het gene de Landschappen betreft, en sy daer toe versocht worden, ofte aenleydingh krijgen die te maecken, of om na ’t leven te gaen Teyckenen, datse haer dickwils laten voorstaen dat die Study te slecht is om haren tijt daer aen te verquisten; en door dese en andere nalatigheyt geschiet het dat soo weynigh haer selven algemeen inde Konst konnen maecken. Maer om dese misslagh te verbeteren, soo isset raetsaem datmen sich des Jaers twee, of drymael te Landewaert begeeft, om na de verscheyden Zaysoenen, de Landschappen, en wat daer ontrent tot voordeel vande Universeele Study kan ghehaelt worden, na ’t leven af te Teyckenen:

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] {Drawing the landscape is very useful and delightful.} But before we part from the life, we cannot omit to also briefly point out the use of Drawing Landscapes, Perspectives, Mountains, Dunes, Shadows in the Forrest, Bushes, Plants, Ruins and all sorts of Animals of the Field, like Horses, Oxen, Cows, Sheep, Goats and what else one runs into in the countryside; this is a pleasant Study and useful relaxation for the Draughtsmen (besides the relief that it provides as the leisure of the usual Figure-Practice); moreover it is a way to make oneself Universal in the Art: {That one should love all Study of the Art of Painting.} ‘Because he cannot be considered a great Master or bright Mind, (says Leonardo da Vinci) who is only perfect at one thing; there are few such firm brains that with time will arrive at doing one thing well: Adding that a Young Man who does not love all parts of the Art equally, he may be as bright as he wishes, but he will never become a great universal Master.’ In general one observes that Draughtsmen and Painters who have inclination for that which concerns the Landscapes, and when they are asked to go draw after the life, or find a reason to make them [ndr.: i.e. landscapes], or to draw after the life, they often boast that this Study is too bad to waste their time on; and because of this neglect, amongst other things, it happens that so few are able to make themselves general in the Art. But to improve on this flaw, it is advisable that one goes twice or three times a year to the countryside, to draw after the life according to the different seasons, the landscapes and all that may be gathered from it to advance the Universal Study:

The citation from Leonardo da Vinci is not included in the English translation and the reflection on how to become a universal master is only partially included. [MO]

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → apprentissage

Quotation

Korton heeft zich niet binnende paalen van Matigheid gehouden, maar zonder onderscheid, de ruimten der ploojen ingevoerd; want de rokken of eerste onderkleêren (hebbende meer vryheid, en by gevolg haar eerste hoedanigheid, het zelve niet zo onderworpen zynde als de geslooten deelen) kunnen onmogelyk vol plojen wezen. Echter gebeurd het veeltyds dat eenige konstenaars, (van wat studie het ook mogen zyn,) wanneer zy in een ander iets zien dat hen behaagt, niet alleen het zelve zullen zoeken naar te bootsen; maar gemeenlyk tot buytenspoorigheid en overtolligheid vervallen: By voorbeeld, een naakt Schilder die de kloekheid van Karats wil opvolgen, zal meest, al zyn beelden ’t zy die oud of jong zyn, als een Herkules verbeelden, hakkende hier en daar stukken uit als of ’t een rotssteen was.

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] Pietro da Cortona did not stay within the limits of moderation, but filled the spaces of folds without distinction; because the skirt or first undergarments (having more freedom and thus their first appearance, not as suppressed as the closed parts) can impossibly be full of folds. However it happens often that some artists, (of whichever study they may be) when they see something in another that pleases them, will not only attempt to imitate it; but commonly fall into excessiveness and redundancy: For example, a painter of the nude who wants to follow the prowess of Carracci, will often depict all his figures whether old or young as a Hercules, cutting out pieces here and there as if it were a rock.

term translated by /

Conceptual field(s)

MANIÈRE ET STYLE → école