MEESTERSCHAP (n. n.)

MASTERSHIP (eng.) · MEISTERSCHAFT (deu.)
TERM USED IN EARLY TRANSLATIONS
MASTERSHIP (eng.) · MEISTERHAFT (deu.) · MEISTERSCHAFT (deu.)

FILTERS

LINKED QUOTATIONS

2 sources
4 quotations

Quotation

Verstaen hebbende alle de noodige kennissen ende wetenschappen die een verstandigh Schilder moet trachten te besitten, ende sich eygen te maecken, soo kan nu wel eenighsins gegist werden, hoe het by komt datter soo weynige tot de Volmaecktheyt van een Universeel Meester konnen geraecken; {Waerom so weynige groote Meesters worden.} gemerckt menige na veel arbeyts eerst beginnen te sien watter tot de Geleertheydt van een groot Meester in de Schilder-Konst vereyst wert; haer een oneyndigh getal van swarigheden ontrent de Konst-regelen practiseerende, die haer onmogelijck schijnen oyt te sullen beseffen, invoegen sy al suchtende onder dien last, van vreese wederom te rugge loopen, of veranderen door ’t beschouwen van dit in-ghebeelde Medusaes hooft, in een steen van wanhoop ende leyheyt, alsoo datse blijven diese zijn en waren, dervende uyt schrick voor de kennis die de volmaecktheyt vereyst niet een voet versetten, om een ander voorby te stappen. Doch dit alles en behoorde een verstandigh Constenaer niet af te weeren, of schoon vele de rechte Meesterschap niet en koment te treffen, maer veel eer aen te manen: {Wat dit ontrent een Leergierigh gemoet behoorde te doen.} want hoe de wetenschap eener Konst minder gemeen is, hoese heerlijcker in de oogen aller Menschen uytmunt; en ofwe schoon de volmaecktheyt van een Konst niet en konnen bekomen, soo isset niet te min loffelijck, een Trap of twee hooger gestegen te zijn dan een ander: Ja al wetenwe dat andere groote Reusen in Meesterschap zijn geweest ten opsicht dat wy maer kleyne Mannekens en zijn, en dat sy veele en verre dingen hebben konnen sien, soo moetmen evenwel door neerstigheyt op hare schouderen sien te klaveren, op datmen, ware het mogelijck, noch een weynigh verder moghte sien dan sy gesien hebben.

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] Having understood all the necessary knowledge and sciences that a wise Painter should try to possess, and obtain, we can easily guess why it is that so few can reach the Perfection of a Universal Master; {Why so few become great Masters.} seen that many only begin to understand after a lot of work what is necessary for the Wisdom of a great Master in the Art of Painting; practicing an eternal number of difficulties regarding the rules of art, which seem impossible to him to ever comprehend, as such they will again step back or change after seeing this imaginary head of Medusa, in a stone of despair and stoniness , so that they remain who they are and were, not moving a foot out of fear for the knowledge that is necessary for perfection, to pass by someone else. Yet all of this should not keep a sensible Artist away, as many will not reach the true Mastery, but rather only touch upon it: {What this should mean for a inquisitive mind.} because the more the science of an art is less common, the more delicious it excels in the eyes of all Men; and although we cannot obtain the perfection of an Art, it is nonetheless praiseworthy, to have reached a step or two higher than another: Yes although we know that others have been great Giants in Mastery and that we are but small little men in comparison, and that they have been able to see many and far things, as such one should try to climb on their shoulders through diligence, so that one, if possible, may be able to look a little further than they have looked.

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → qualités

Quotation

Maer gelijck het wel geraetsaem, ja oock seer noodigh is, datmen inden beginne van sijne Studien andere Brave Meesters navolgt, en tracht in dat gene, in welcke sy gedwaelt hebben, haer te overtreffen, soo moet geweten worden datmen daer ontrent niet alleen yver ende neerstigheyt moet aenwenden, maer oock voor al sich seer wijslijck dragen: {Watter in ’t volgen van andere Meesters moet waergenomen worden.} Want het geleerdelijck navolgen van een groot Meester vereyst vry wat anders, als het simpel Na-Copieeren, dat voor de Jongelingen wel een bequaem middel is, om voor eerst de Pinceel te leeren handelen, de Verwen ende Colorijten te leeren vinden, ende soo voorts: Maer in het Meesterlijck studeeren, ende navolgen daer moet alleen het oordeel sich ontrent de Deughden vande alderbeste dingen oeffenen: ende dat met een sorghvuldige Naerstigheyt, om alles uyt te vorssen, ’t geen daer vanden rechten aert der Konsten in is. Want inde beste Tafereelen, sitten de Deughden somtijts soo diepe verborgen, ende soo konstelijck door het geheele Werck ingewickelt, ende door-vlochten, dat den alderscherpsinnighsten Meester de selve niet als na een lange opmerckingh en bestaet te vatten. Soo dat van een onkundige dickwils de fauten die daer noch in gebleven zijn, best van alles worden opgevolght en ingezogen; {Onkundige volgen de fauten in ’t Copieeren best na.} daerom datmen met een verstandigh en rechtsinnigh oordeel soodanige dingen bestuderen sal, ende en etent niet al voor Suycker op wat van dese of gene groote Meesters voortkomt, invoegen men de gebreecken soo wel als de volmaecktheden tot een wet van navolgingh komt te stellen, even offe uyt respect van hare Meesterschap niet en hadden konnen dwalen: Maer dan kan het navolgen eerst prijswaerdigh en voordeeligh zijn, soo wanneer sy de volle kracht der Konst inde voornaemste dingen heeft getroffen.

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] Yet as it is advisable, yes also very necessary, that one imitates other Good Masters in the beginning of his Studies, and attempts to surpass them where they have strayed, as such it should be known that one should not only apply ardor and diligence, but also behave themselves very wisely: {What should be observed in following other Masters.} Because it demands something different to intelligently imitate a great Master, than simply Copying After, which is an adequate means for young ones, to learn to treat the brush for the first time, to learn to find the colors and colorations et cetera: But in studying masterfully, and imitating, there only the judgement regarding the Virtues of the very best things should be practiced: and with a careful diligence, to find out everything, which is in it about the true nature of the Arts. Because the Virtues are often soo deeply hidden in the best Paintings, and are so artfully folded and braided into the whole work, that the most perceptive Master cannot assume to understand it but after a long observation. Such that the mistakes that remain in it are often followed the best and taken in by an incapable [artist]; {Incapable artists imitate the mistakes the best in Copying.} which is why with a wise and frank judgement one should study such things and not take at face value [ndr: literally: eat like sugar] everything that comes from this or another great Master, as such one may take the flaws as well as the perfections for a law to imitate, as if out of respect for their Mastery they could not stray: But the imitation will first become praiseworthy and useful, when she has captured the full power of Art in the principal things.

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → apprentissage

Quotation

{’t Verstandigh onderwijs voor de Leerlingen best.} ’t Verstandigh onderwijs, sal de leerlinck het voordeelighste zijn; wat de groote Meesterschap aengaet, die moet eyndelingh na het oeffenen van soodanige goede onderwijsinge uyt de aengeboorne natuer komen.

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] {Sensible instruction is best for the Pupils.} Sensible instruction will be most beneficial for the Pupil; concerning the great Mastery, it will eventually emerge from the innate nature after the practicing of such good instruction.

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → qualités

Quotation

{Watmen sich behoorde in te beelden.} En te meer, alsoo yeder wel weet, datmen sijne Teykeninghen door welckmen begeert te leeren, niet en maeckt om verkocht te worden, en daerom weynigh aengelegen, of die sus of soo ghehandelt zijn, alsser maer dat in betracht is, dat na de rechte Meesterschap dinckt. (…) {Waer In de ware deught van eene goede teykening bestaet.} En wat de algemeene deught van een Teyckeningh aengaet, die kanmen kortelijck seggen daer in te bestaen, datse Eel en verstandigh van omtreck en stellingh is; en daer by te gelijck vlack, snel, en kantigh, nochtans soet en sagt, volkomentlijck is uytgevoert.

[suggested translation, Marije Osnabrugge:] {What should be imagined.} And even more so, because everybody knows that one does not make the drawings through which one wants to learn, in order to sell them, and therefore it is of little importance whether they are done such or so, as long as it has been tried in such a way that aims for true Mastery. (…) {Of what the true virtue of a good drawing consists.} And what the general virtue of a Drawing is concerned, one could briefly say that it exists in being Noble and sensible of contour and composition; as well as perfectly executed in a flat, quick, edgy, yet sweet and soft way.

Conceptual field(s)

L’ARTISTE → qualités